“Juridisch advies”
“Persoonlijk en informeel”
Stel direct gratis een juridische vraag!

Planschade I

In mijn vorige blog kon u lezen over het bestemmingsplan. Het bestemmingsplan regelt de bouw -en gebruiksmogelijkheden van gronden. Wat nu, als door de vaststelling van een nieuw bestemmingsplan bouw- en gebruiksmogelijkheden worden verruimd of juist beperkt, waardoor onroerend goed minder waard wordt. Dan kunt u een verzoek om vergoeding van planschade indienen.

Juridische basis

De juridische basis voor planschade kunt u vinden in artikel 6.1 en verder van de Wet ruimtelijke ordening (Wro). Daarin staat dat burgemeester en wethouders degene die in de vorm van een inkomensderving of een vermindering van de waarde van een onroerende zaak schade lijdt of zal lijden als gevolg van een planologische maatregel, op aanvraag een tegemoetkoming toekennen, voor zover de schade redelijkerwijs niet voor rekening van de aanvrager behoort te blijven en voor zover de tegemoetkoming niet voldoende anderszins is verzekerd. Het betreft dus zowel inkomens- als vermogensschade.

Oorzaken

De volgende besluiten kunnen volgens de Wro planschade veroorzaken: bestemmingsplannen, beheersverordeningen, inpassingsplannen, bepaalde typen omgevingsvergunningen, een aanhoudingsbesluit ten aanzien van een omgevingsvergunning, een bepaling van een provinciale verordening, een bepaling van een exploitatieplan en een koninklijk besluit.

Planschade kan concreet worden veroorzaakt doordat bouw- en gebruiksmogelijkheden van het eigen perceel worden beperkt, waardoor de waarde van het perceel daalt. Ook kan het zijn, dat bouw- en gebruiksmogelijkheden van naburige percelen worden verruimd met eveneens een waardevermindering van een perceel tot gevolg. Er bestaat een diversiteit aan schadeveroorzakende factoren zoals: aantasting van de privacy, zonlichtvermindering/toegenomen schaduw, toename van overlast door geluid en stank, lichthinder, vermindering van uitzicht, meer verkeersbewegingen, verslechtering van de bereikbaarheid/parkeermogelijkheden, verminderde situeringswaarde etc.

Indienen aanvraag

Een aanvraag om een planschadevergoeding wordt ingediend bij het bevoegd gezag, veelal het college van burgemeester en wethouders van een gemeente. Op grond van artikel 6.4 van de Wro innen gemeenten een zogenaamde drempelheffing die kan variëren van € 100,00 – € 500,00. Als deze heffing niet op tijd is betaald, zullen gemeenten in de regel de aanvraag niet-ontvankelijk verklaren. Dit betekent dat de aanvraag niet verder inhoudelijk wordt behandeld. Een betaalde heffing wordt teruggestort aan de aanvrager als geheel of deels positief wordt beslist op de aanvraag om vergoeding van planschade.

Verjaring

Goed in de gaten moet worden gehouden dat planschade kan verjaren. Artikel 6.1, 4elid, van de Wro bepaalt namelijk dat een aanvraag om tegemoetkoming in schade moet worden ingediend binnen 5 jaar na het onherroepelijk worden van de planologische maatregel waarop de aanvraag betrekking heeft.

In een volgende blog zal ik wat dieper ingaan op de verschillende aspecten die bij de beoordeling van een verzoek om toekenning van een planschadevergoeding een rol kunnen spelen.

Heb jij op dit moment vragen over dit onderwerp? Aarzel niet en neem direct contact op met ons.

Groetjes van jouw rechtsbuddy,

Gerard